Navigatie:
Subnavigatie:
U bevindt zich hier
Content:
Datum: 08-02-2012
Het is een verhaal van opkomst en ondergang, van een onvermijdelijke economische cyclus: het verhaal van de steenfabriek van Geertruidenberg.
Die steenfabriek stond naast de oude Dongecentrale op de plek waar nu het betonbedrijf Oudenallen is gevestigd. Dat terrein lag tot na 1900 in de uiterwaarden van de Donge. Op die plek liet mr. Herman Allard, telg uit een oude Geertruidenbergse patriciërsfamilie, in 1899 een steenfabriek bouwen. Allard (1866-1948) volgde na zijn rechtenstudie een opleiding voor steenfabrikant in Silezië.
De grond waar de fabriek verrees, bekend als de Brouwers Polder, was in 1800 eigendom van de familie Brouwers die in de Koestraat woonde, in het Prinsenhof. Door overerving kwam de polder in de loop van de negentiende eeuw in bezit van de Allards.
De Brouwers Polder leek een verloren hoekje aan de Donge, maar de zakelijk ingestelde Allard wist er veel geld uit de bodem te halen: leem om stenen te bakken.
Tegenover de Brouwers Polder, aan de andere kant van de Donge, lag de GasthuisWeide. Ook daar zat bruikbare grondstof in de bodem. Allard liet de klei vervoeren met karretjes, die de arbeiders over rails naar de Donge- oever duwden, waarna het materiaal met bootjes over de rivier naar de fabriek werd getransporteerd.
Ook werd er leem aangevoerd van het gehucht Stuivezand bij Made.
De fabriek moet aanvankelijk goed gedraaid hebben.
De steenfabriek De Donge produceerde onder meer bakstenen voor het kort voor 1928 gebouwde Olympisch Stadion in Amsterdam.
Allard was niet alleen industrieel, hij was ook regent. Van 1912 tot 1923 was hij burgemeester van Geertruidenberg.
Allard haalde verschillende industrieën naar Geertruidenberg, zoals de PNEM, nu Essent. Tegelijkertijd vond onder zijn verantwoordelijkheid het slopen van een groot deel van de vesting Geertruidenberg plaats.
Zoon Robert Allard leek aanvankelijk voorbestemd zijn vader als steenfabrikant op te volgen, maar Robert koos voor een kloosterbestaan en trad in bij de benedictijnen in Oosterhout.
Zoon Herman Allard jr. trad evenmin in de voetsporen van zijn vader.
Hij trouwde tegen de wil van zijn moeder met de vorig jaar op 99-jarige leeftijd overleden Margreet van Gilse, telg uit de ooit zeer gefortuneerde Brabantse bankiersfamilie Van Gilse. De steenfabriek staakte kort na 1940 de productie. Het diepe gat in de Brouwers Polder, ontstaan door de weggegraven klei, was door de handige steenbakker Herman Allard al eerder verkocht aan de PNEM. Daar staat nu de oude Dongecentrale.
Visueel rest er van de steenfabriek alleen nog de in 1901 in opdracht van Allard gebouwde directeursvilla, opgetrokken uit in de Brouwers Polder gebakken steen.
Villa Pinksterbloem staat op de hoek van de Stadsweg en was in de volksmond vroeger ook bekend als ‘het kasteeltje van Allard’.
Bron: Collectie Bas Zijlmans.
27-11-2011
Voorwaarden uit borgstellingsovereenkomst WSG, provincie en...